home
nieuwsbrief
 

Deel 11 Project 'basal ya basoba' (21 juli 2010) - Guido Kleene vanuit Congo

21-07-2010

Woensdag 6 juli

De honderste voorstelling.

Om zes uur is iedereen wakker op tamufu en klaar voor vertrek. Het is de grote dag. De laatste voorstelling op lokatie, en allen zijn zeer vrolijk. We vertrekken naar massina rail. Voor de tweede keer naast het spoor van masina, een van de mooiste lokaties die we hebben gehad. Gisteren ging de voorstelling niet door, er is een deuil national. Nationale rouw om een ongeluk met een tankwagen waarbij 260 mensen schijnen zijn omgekomen. Vanwege de deuil mag er 48 uur geen muziek gemaakt worden. Hoerwel – de meningen zijn erover verdeeld – en er zijn er die zeggen dat we overdreven voorzichtig zijn. maar maurice is duidelijk – de ambtenaren op het gemeentehuis hebben hem duidelijk gemaakt dat we niet mogen spelen. Althans – niet op de plek waar Belangrijke Authoriteiten langs zouden kunnen komen. Het blijft Congo. Dus NIET langs de grote boulevard, want dat was de lokatie die we verkozen hadden. maar WEL ergens diep in de wijk kunnen spelen, daar komt toch geen Belangrijke Authoriteit langs. Maurice stelt een terrain communal voor. Ik twijfel. Op de meeste terrain communals waar we gespeeld hebben – een openbaar voetbalveld van zand en vuilnis – kwamen enkel jonge kinderen en straatjeugd op de voorstelling af. Volwassen kinois gaan niet op een terrain communal naar een toneelstuk kijken. Beter is ze te overvallen op de plek waar ze transport nemen, dus langs de spoorlijn waar de taxi’s gaan. Maurice zegt dat het onmogelijk is – maar de volgende ochtend blijkt het toch mogelij: Masina rail. midden in chine populaire, de drukste armste en smerigste wijk van de stad, langs het spoor dat als weg markt en bar dienst doed, maar waar eens in de dag een trein langs sukkelt op een onbekend tijdstip.

In aanwezigheid van de plaatsvervangend nederlands ambassadeur spelen ze de laatste twee voorstellingen op lokatie. Het is een geweldige lokatie. Misschien wel vijftienhonderd man publiek staat, zit, hangt op en naast de spoorlijn, en geniet van de voorstelling. Het is een van de fijnste plekken om te spelen. De buurt is overvol mensen die niets te doen hebben en hier gebeurt normaal nooit iets, dus we vormen een zeer welkome afwisseling voor de dagelijkse sleur. De reakties zijn zeer goed, en we vieren bescheiden feest. Toto is opgetogen, de hele groep is trots. Honderd voorstellingen in Kinshasa. Bijna 100.000 toeschouwers. Alle wijken, elke uithoek van deze stad hebben we bereikt. Quelle ambiance !! S avonds wint nederland de halve finale van uruguay, en in het donker van masina vieren we nogmaals feest. Voor even is kinshasa voor oranje en zijn wij de helden van de buurt.


Donderdag 7 juli

De laatste. Honderdeneen.

Meteen na afloop van de laatste honderd- en éénste voorstelling, voor de eerste keer in de intimiteit van een theaterzaal, komt er een man naar me toe. Klein van postuur, een enigszins vervormd gezicht, half gesloten ogen. Hij spreekt me aan : « Meneer – bent u de organisator ? », « Ja – dat ben ik, » antwoord ik. « Hoezo ? » Hij spreekt zacht maar doordringend : « Ik wil u iets zeggen. »- hij kijkt me aan met zijn dichtgeknepen ogen. Ik knik. « Ik ben vandaag een zeer gelukkig en een zeer ongelukkig man. » Hij zegt het direkt, zonder twijfel. Ik kijk hem afwachtend aan. Een zachte stem. « Ik ben zeer gelukkig », vervolgt hij.. « gelukkig om wat ik vandaag gezien heb. Maar ook zeer ongelukkig, want… » Hij stokt. Hij stottert een beetje… « ongelukkig, omdat - alles wat ik vandaag gezien heb – ik heb het zelf allemaal meegemaakt…» De laatste woorden maakt hij niet af. Hij barst in huilen uit. Een stil snikken. In zichzelf gekeerd. Ik weet niet wat te doen. Ik vraag hem te gaan zitten, haal wat te drinken, terwijl lotte naast hem blijft staan. Zo huilt hij tien minuten lang in stilte. Echt veel praten lukt niet. Ik doe een poging. zeg dat we moeten afspreken, geef mijn nummer. Hij geeft mij het zijne. We zullen bellen om te spreken. We zwijgen. Ik kijk naar hem op zijn stoel – een ingedoken gestalte, een man van begin veertig die ook twintig of zestig zou kunnen zijn. Ik wil weg, naar het feestgewoel om me heen, tientallen mensen proberen mijn aandacht te vangen, de laatste voorstelling is net voorbij. Maar ik kan dit tafereel niet loslaten. Lotte gaat naast hem zitten. En zwijgt met hem mee. De voorstelling en de realiteit lopen door elkaar heen. Deze man zou ook heks genoemd worden, in andere tijden, bij ons, in andere culturen. Ik neem afscheid en zeg dat we moeten bellen. En ik ga op in het feest. De honderd en eenste voorstelling. We dansen, iedereen is uitgelaten, honderden mensen komen op me af. Als ik een toespraakje improviseer, nemen de jongens van de securite me op de schouders. Ik denk aan de man die naar me toekwam – de van hekserij beschuldigde man met het zoveelste verhaal van verbanning en uitdrijving. het onderwerp van onze voorstelling. In de chaos van het feest na de voorstelling verlies ik het telefoonnummernummer dat hij mij gegeven heeft. Als ik het me realiseer, is de man verdwenen. En ook in de dagen erna, belt hij me niet meer. Ik vraag me nu zelfs af of hij er daadwerkelijk is geweest. Daar in de donkerte van de zaal na afloop van de voorstelling. Ik stel me voor dat hij een geestverschijning was – zoals hij uit het niets op me afkwam en me die vraag stelde. Ik ben de gelukkigste en de ongelukkigste man van de wereld, na het zien van je voorstelling.


Dinsdag 13 juli

Het is af. Basal ya bazoba heeft de honderd gehaald. Sterker nog, de honderd en een.

De laatste werkdag. Opruimen. Het is mooi weer. de zon schijnt mild, de lucht is s ochtends fris. Het is nog altijd winter. We zijn bijna klaar voor de volgende fase.

basal ya bazoba wordt kin 2010 met lotte en omsk. en ik droom nog en wil het liefst slapen en vind het onbegrijpelijk dat de dagen gewoon doortellen en dat er niets stopt.

Ik luister naar de congolese muziek. Het liefst zou ik mijn camera pakken en met toto naar muziek gaan luisteren. Hij vertaalt de nummers uit het lingala en ik luister mee en drink een primus.. kortom, ik neem drie dagen vakantie. Ik moet hier even weg anders vergroei ik met het stof en wordt ik deel van de grijze muren van kin.

<< news