Deel 2 Project 'basal ya basoba' - Briefwisseling Guido Kleene en Lotte van den Berg van OMSK
15-04-2009
Op 30 mrt 2009, om 18:04 heeft guido kleene het volgende geschreven:
Lieve lotte
ik schrijf je wat ik geschreven heb, het leven gaat hier door. het is intensief, en ik wordt er wel rustig van. gaat het goed in dordt? en hoe waren jullie eerste voorstellingen?
ik heb een middag georganiseerd over hekserij - daar moet ik je nog van vertellen. dat was zeer bijzonder, een eyeopener. ik begin ook bijna mijn ploeg langzaam aan kompleet te krijgen. we gaan vanaf 6 april repeteren, als het allemaal lukt, en nu hebben we al bijeenkomsten.en audities met straatkinderen. tot snel
liefs
guido
Vrijdag 27 mrt
Wat kan er veel gebeuren. Ik ben hier nu ruim twee weken. bijna drie. Het kunnen er ook vijf zijn. of een. Ik ben de tel kwijt. Ik leef op het ritme van de kinois, ga s ochtends het huis uit. De chaos in. strijd om een plek in een taxi of een kombi. Klaag over de drukte en de files. Ontmoet mensen, organiseer audities, ga bij opvangcentra van straatkinderen langs en geef daar toneelles. In de middag heb ik het heet, zweef door de stad, bevangen door de hitte en de uitlaatgassen, heb moeite mijn ogen open te houden, zit uren in taxis, minibusjes, uitelkaarvallende autos, puffend tussen tientallen benen lichamen hoofden, flirt me een weg langs de paraderende schoonheden, onmoet, droom, en lach. veelal in de taxi, als ik het gehad heb, moe van het harde werken, de absurde omstandigheden, de wegen vol gaten, de taxis die niet komen willen, de electricitieit die me in de steek laat, of als ik me wil wassen en het water komt niet, in elke situatie ontspint zich een gesprek, samen hebben we het heet, samen lachen we, samen beklagen we ons, en veroordelen, toch mild, en zeggen hardop esa malamu kinshasa la poubelle - het is goed hier.
En dan aan het eind van de dag, als de hitte het ondraaglijkst is, en iedereen vermoeid is, en alles wat de dag heeft gemist over je heen valt, valt de avond. Eerst de schemering die het donker aankondigt en die iedereen al rustig maakt, en dan de nacht. donker, vol schaduwen en vol mensen. Die eindelijk koelte geeft. Iedereen trekt zijn mooiste kleren aan, en de stad wordt een groot terras, de soukous zingt, en we drinken, grote flessen ijskoude primus, tussen de houtskoolovens en de geimproviseerde gril gemaakt uit een open oliedrum. We drinken, we dansen, en we hebben lol. Het donker valt om zeven uur, en dan zijn er nog vier of vijf heerlijke uren van koelte, van een goed gesprek, van pundu eten met chiquangwe, van versieren, van rust, van bezinning. Niets mooier dan de avond. De avond geeft de dag betekenis.
Ik ben hier nu wat langer, en de stad eist zijn tol. Er is zoveel, er is zoveel te doen, de stad heeft alle verleidingen, en ik wil ze allemaal beleven. Niet dat er veel te doen is qua films of theater, maar er zijn overal mensen, we gaan zembe dansen in yolo, of drinken en brochettes eten bij bandal bloc, of pundu eten op victoire, of naar het centrum, naar de plekken van de blanken, om te zien hoe de nederlanders het doen in de nederlandse club. Tussen de zwembaden en de airconditioning. Al die verschillende werelden in een. En ondertussen de kerken die dag en nacht doorgaan, er is eigenlijk teveel ik zou erbij willen zijn en niet willen slapen, en dat doe ik ook niet genoeg er is een dansvoorstelling waar ik naartoe moet, en dan zijn er weer verleidingen..
Ik lees de stad. Ik begin hem te begrijpen. vandaag ben ik moe. Ik zit in de taxi, wil naar huis, er stapt een jongen in, een student. hij kijkt me aan, open gezicht, bonjour. Hoe ik de congo ervaar, dat wil hij weten. Of ik het goed heb in kinshasa.hij kijkt me verwachtingsvol aan. ondertussen rijden we langs een opstootje, de hele straat is in rep en roer. Een shege heeft een telefoon weggerist uit iemand die aan het bellen was, in een rijdende auto. Hoewel we vrij veel hard rijden, krijgen we dit allemaal in een paar seconden mee. De jongen herhaalt zijn vraag. de chauffeur luistert mee- nauwelijks merkbaar. Dat in congo alles goed is, kan ik niet echt zeggen. Maar dat het hier niet goed is, dat kan ik ook niet zeggen. Dat is mijn antwoord. De jongen begint te stralen. Dus je hebt het hier naar je zin ? ja. ik ben hier graag, hij glundert. Kijk, zegt hij, als ik vertel dat het in congo goed leven is, dan gelooft niemand me want dat moet je zelf wel zeggen van je eigen land. Maar als jij een vreemde, een mundele - het zegt, dan betekent het iets. Want dan is het zo. Zie je wel, ik zeg altijd : congo is het beste land om te wonen. Hij lacht naar de chauffeur, die hem volmondig gelijk geeft. De jongen staat er op dat hij mijn taxirit betaalt, zo voldaan stap hij uit. Ik weet niet wat er vandaag aan de hand is. Vanmorgen in het overvolle minibusje -begon ook al iemand tegen me te praten: die wilde dat ik beaamde dat congo het vreedzaamste land op aarde is. hier zijn de mensen alleen aardig, hier gebeurt nooit iets slechts. Ik had moeite hem gelijk te geven. In geen ander land zijn de laatste twintig jaar zoveel mensen gestorven aan de gevolgen van een oorlog als hier, vier miljoen
dus ik kon het moeilijk met hem eens zijn. hij beaamde wel wat ik zei, maar voegde toe: ja maar de laatste paar jaren is het rustig ! De laatste paar jaren is congo en kinhsasa de vreedzaamste plek op aarde ! Ik kon niet anders dan het tegenstribbelend beamen. Vandaag is iedereen trots op zijn land.
Deze week was de week van het harde werken. Dinsdag, woensdag en donderdag hebben we audities. Dinsdag en donderdag in een opvangcentrum voor straatkinderen. Woensdag met professionele akteurs en een muzikant. Het gaat ineens snel. We zitten dagenlang in taxis en dan ineens beslissingen. Toto heeft een repetitieruimte gevonden, en een huis om te werken- en waar we kunnen logeren. Het is wel ver weg, maar de plek is mooi. Je zou het geen repetitieruimte noemen, eerder gewoon een huis met een binnenplaats. Dat is het ook. Maar t kan overal voor gebruikt worden. het huis is ruim. Tegen de avond gaan we het bekijken. Lange lanen met grote parcelen in een heuvelachtige wijk van kinshasa. ipen. Hier voelt kinshasa bijna als een dorp, het is groen, er is ruimte, er zijn veel bomen en er is een kleine rommelige markt, waar je allerlei vreemde wortels kan kopen. Het huis blijkt nog bewoond te zijn, er zit een familie in. De vader een intellectueel, heeft duidelijk moeite ons te woord te staan als we vertelt hebben waarvoor we komen. De eigenares is niet thuis, zij zou ons het huis moeten laten zien. Hij- de huurder voelt zich uit zijn huis gezet. Ik gis wat er aan de hand is. het voelt als een inbreuk in zijn privacy.. wie weet waarom hij het huis uit moet. Heeft hij al maanden niet meer kunnen betalen ? geen baan meer, en nu ook geen huis meer. Ik durf nauwelijks te vragen om het huis van binnen te zien. hij weigert. En dan een wonder. Uit het huis komt een jongentje. Hij ziet mij. hij twijfelt geen moment. Hij sprijd zijn armen wijdt. En rent op me af. En omhelst mij ter hoogte van mijn middel. Uit het niets. Alsof ik zijn moeder ben die hij een week niet heeft gezien. ik ben sprakeloos. Ik weet niet wat ik moet zeggen. Ik pak hem op, en vraag hem hoe hij heet. En ik zeg hem hoe ik heet. Als ik hem mijn naam vraag zegt hij, heel rustig, die ken ik niet want ik ken jou niet. en toch springt hij zomaar in mijn armen, de witte vreemdeling die ineens in de tuin staat. Mijn dag is goed. Een beetje beschaamd nemen we afscheid, we komen wel een andere keer kijken, als u alles geregeld heeft met de eigenaresse.. het jongentje laat ons uit. Hij is er zelf ook een beetje van in de war lijkt het. We lopen de straat uit de nacht in. toto is opgetogen hij wil de ruimte graag betrekken voor hem is het ook een groot avontuur een nieuw begin. Ik ben verward door de ontvangst en het jongentje. Ik wil geen familie uit hun huis zetten, maar toto stelt me gerust. Hij legt uit wat het conflict is tussen de eigenares en de huurder. En ook als wij het huis niet nemen, moet de familie verhuizen. Bovendien zal het hen eerder helpen, als wij de borgsom betalen dat betekent dat de familie zijn borg ook terug kan krijgen. Ik twijfel nog, maar goed ik kan de werkelijkheid niet zomaar veranderen. Kinshasa is zeker geen paradijs.
Later op de avond volgt weer een ontmoeting. Er is zoveel wat ik je moet vertellen hoe ik de voorstelling van toto heb gezien en hoe goed ik die vond. En hoe goed toto erin speelde. Een one man show. De zaal. Het publiek. En alle moeilijkheden. En de lol, de herkenning van de mensen in wat toto vertelt en speelt. Ik heb ervan genoten. Het is eigenlijk de eerste voorstelling die ik hier zie die ik echt goed vind.
Ik zit in de tuin van daan, en ik probeer me te herinneren. De middag loopt ten einde. In de verte rommelt het. Bliksem. Donder. Hier is het nog warm. In mijn hoofd begint het een beetje blubberig te worden, alle beelden schieten door elkaar. alle nachten, ik moet je vertellen van de nachten, ja ik moet je vertellen van de ontmoetingen. In bandal blok, tijdens de regen. Te lollig voor woorden. Toto en ik die twee meisjes gingen dollen. Oh zo kinderachtig en o zo grappig. En wat een energie. Daarna in die nachtclub. Het dansen, hoe met een zakdoekje het zweet onder de oksels na elke dans nauwkeurig wordt afgedroogd. En hoe ongelovelijk sexy er gedansd wordt. Ja dat is wel zo. En het einde de anticlimax. Blijkt het meisje met wie je spanning dacht te hebben, toch een hoertje te zijn. En het weggaan, het gezeur om geld, In bandal, in de nacht. Alles kan. Zelfs diep in de nacht alleen naar huis, en liften met een vreemde die je naar huis rijdt.
Zondag
Terug in nederland. Zo voelt het even. daan is thuis gekomen. Niet dat daan zo nederlands is maar met zijn tweeen ben je toch meer een land dan alleen. Een taal. Een ander associatie. Een ander ritme. de aankomst van daan was wat onwennig, hij nam nederland mee, en als je hier net komt, is het even een worsteling om je aan te passen. Bovendien twee blanken op een terras trekt verkeerde mensen aan, vooral als je als wij op plekken zitten waar geen andere blanken komen. Tot diep in de nacht. We zitten aan witte plastic tafel in het donker, met de muziek hard aan en van alles. Een man komt op ons af. hij wil geld. Eerst negeren we hem, maar als we weigeren, begint hij ons uit te schelden. We proberen hemnog altijd te negeren, maar de man maakt zichzelf steeds kwader. Betrekt het hele terras erbij. Schalkse afkeurende blikken. Het vreemde in congo is dat iedereen wel kijkt, maar niemand iets doet. alsof iedereen bang is voor de oproerkraaier. Ook in andere situaties, bij een vechtpartij op straat, bemoeit iedereen zich er wel mee, maar de gemoederen sussen doet eigenlijk niemand. Uit angst een klap te krijgen, of omdat een ruzie ook een belevenis is, zie je wel allerlei mensen half ingrijpen, maar t is meer voor de vorm. De ober doet bijvoorbeeld een halfslachtige poging om de man te kalmeren, hij blijft half geinterreseerd tussen de man en ons tafeltje staan. Maar als de man dichterbij komt, wijkt ook hij. Alsof hij vooral de code wil doorgeven er is niks aan de hand, als je hem geen aandacht geeft, gaat hij wel weg. ook andere congolese gasten aan tafeltjes kijken ons meewarig aan. zo ontwikkelt zich een scene. Terwijl een man zichzelf tot briesende woede opblaast en ons blanken van alles beticht wat maar mogelijk is en alle woede die in hem is op ons projecteert, doet de rest van het terras inclusief wijzelf alsof er niks aan de hand is en de ober die op nog geen halve meter van de briesende man staat kijkt een beetje slaperig om zich heen. in mijn onderbuik voel ik de woede opkomen en ik heb zin om het gevecht aan te gaan maar ik beheers me. Ruzie is hier niet de bedoeling, dat trekt allerlei mensen aan, die mee komen vechten en in een gevecht is het makkelijk stelen. Uiteindelijk staan we op, en lopen uiterst rustig naar de auto. De briesende man volgt ons niet. hij blijft roepen naar de lege terrasstoelen voor hem.
Gelukkig verdwijnt de nederlandse cocon snel. Op zondag middag zitten we in matonge, de beroemde uitgaanswijk die vroeger 24h per dag drukte garandeerde, maar waar dezer dagen gaten vallen op het terras. De hipstee plekken zijn naar andere buurten verplaats, vooral naar bon marche een wijk dicht langs de congo stroom, bon marche - wat goedkoop betekent, maar niet zo goedkoop is. nu goed. We zitten op het terras bij de een uiterst nichterige congolees die telkens grapjes met ons maakt en bij ons aan tafel komt zitten. het is middag en fris, want het heeft geregend. De straten van matonge zijn breed, maar in uiterste staat van verval er zijn meer gaten in de weg dan asfalt, en overal ligt zand. matonge heeft iets van een vervallen badplaats op een ongure uithoek van de wereld. de sfeer is er uiterst gemoedelijk,
Er klinkt muziek een man laat zich scheren op een plastic stoel naast me, tegenover zit een moeder beignees klaar te maken terwijl haar zestienjarige dochter uitdagend haar haar laat doen. Daan is in opperbeste stemming, binnen enkele minuten weet hij het halve terras te provoceren en tot lachen te brengen. We eten pundu met vis we lachen en we drinken. al gauw mengt zich de man die naast ons zit in ons gesprek. Hij komt uit brazzaville, en noemt zichzelf dico een afkorting van dictionnaire. Het franse woord voor woordenboek. het is een mooie man van in de vijftig, met pretoogjes en diepe lachrimpels. hij heeft zijn naam goed gekozen, hij kiest zijn woorden met zorg, en brengt ons tot zijn eigen grote vreugde telkens aan het lachen. Hij is van achtenvijftig, en vertelt vol trots over het congo van de jaren zeventig en tachtig, hoe hij als jonge jongen van vijftien al een kind kreeg, en hoe het drinken uit bierflessen noodzakelijk werd omdat anders voyous verdovende drankjes in je bierglas deden als je niet keek. Hij houdt van congo, al is hij een buitenlander, dat merk je aan alles. Het is een erudiet gesprek. De dag verglijdt. Ik heb eindelijk een kamer gevonden, misschien als ik hem neem/ voor 120 dollar in deze wijk, Victoire, twee kamertjes in een huis in een achterbuurt. Ik wordt opgewonden van de gedachte. Maar vind het ook een beetje spannend. De hele avond twijfel ik en morgen moet ik de beslissing nemen.ik moet 1200 dollar borg betalen, vind ik veel te veel...
Ik voel me miserabel. Ik weet niet hoe ik het anders moet zeggen. Midden in denacht wordt ik wakker. Ik voel me al een paar dagen niet zo goed, maar wijdt het aan de vermoeidheid. ik kan niet slapen en denk de heksen te horen.. het is maar even, maar wie weet.
de volgende dag is het weer voorbij, het is begonnen te regenen. de regen valt met bakken uit de hemel en het is eindelijk koel.
veel liefs
guido